De recente verplaatsing van Nederlands goud uit Noord-Amerika wordt al snel uitgelegd als een motie van wantrouwen tegen Donald Trump. Dat is begrijpelijk, maar veel te kort door de bocht. De Nederlandsche Bank is al zeker twaalf jaar bezig de goudvoorraad anders over de wereld te verdelen. De spanningen met de Verenigde Staten kunnen de laatste operatie hebben versneld, maar zij vormen niet het begin van deze ontwikkeling.

Om te beginnen moet een misverstand worden rechtgezet. DNB heeft de Nederlandse goudreserve niet verkleind. Van de operatie van circa 86 ton werd bijna 59 ton in New York verkocht, maar in Londen werd eenzelfde hoeveelheid goud teruggekocht. Daarnaast ging ruim 27 ton fysiek goud uit de Verenigde Staten en Canada naar Zeist, terwijl ongeveer dezelfde hoeveelheid geschikte goudbaren vanuit Zeist naar Londen werd gebracht. De totale voorraad bleef 612,4 ton. Het woord ‘verkoop’ is dus formeel juist, maar zonder vermelding van de gelijktijdige aankoop in Londen bijzonder misleidend.

Ook de suggestie dat het goud simpelweg “naar Nederland is teruggehaald” klopt niet. Het Nederlandse aandeel bleef voor en na de operatie 30,8 procent. Londen steeg van 18,1 naar 32,1 procent, terwijl New York daalde van 31,3 naar 18,5 procent. Ottawa daalde licht, van 19,7 naar 18,5 procent. Nederland heeft dus niet meer goud onder de eigen territoriale controle gekregen. DNB heeft vooral de afhankelijkheid van Noord-Amerikaanse bewaarplaatsen verminderd en de voorraad gelijkmatiger over vier locaties verdeeld.

Komt het door de onvoorspelbaarheid van Trump?

Daarmee komen we bij de vraag of Trump de doorslag gaf. DNB noemt hem niet. De officiële verklaring spreekt over “toenemende geopolitieke onrust”, risicospreiding en betere crisisparaatheid. Goud bij de Bank of England voldoet aan de moderne internationale handelsstandaarden en kan volgens DNB in een noodsituatie sneller worden verhandeld dan goud in New York of Ottawa. Londen is niet gekozen omdat het dichter bij het vaderland ligt, maar omdat het de belangrijkste markt voor fysiek goud is.

Toch leggen de media vooral een verband met de verslechterde trans-Atlantische verhouding. Dat verband is aannemelijk. DNB waarschuwde eerder voor Nederlandse afhankelijkheid van Amerikaanse infrastructuur, bijvoorbeeld in het betalingsverkeer. Maar aannemelijkheid is nog geen bewijs van een rechtstreeks besluit: DNB heeft niet gezegd dat zij vreest dat president Trump het Nederlandse goud in beslag zal nemen. Sterker nog, volgens de NOS verklaarde de bank eerder zich over zo’n gijzelingsscenario geen zorgen te maken.

Crisisparaatheid

De officiële reden is crisisparaatheid: in een crisissituatie is goud in Londen sneller inzetbaar als financiële reserve, omdat het daar voldoet aan de handelsstandaarden van de London Bullion Market Association (LBMA). Goud in New York of Ottawa is in zo’n scenario minder direct inzetbaar, aldus DNB. Het meeste goud werd uit de kluis in Manhattan weggehaald: bijna de helft werd in de VS verkocht en opnieuw aangekocht in Londen. Daarnaast werd ruim 27 ton fysiek verplaatst naar Zeist.

Wat opvalt is dat dit niet de eerste keer is dat DNB haar goudvoorraad strategisch herpositioneert. In 2014 haalde DNB al ongeveer 122 ton goud uit New York terug naar Nederland. Daardoor daalde het Amerikaanse aandeel van 51 naar 31 procent en steeg het Nederlandse aandeel van 11 naar 31 procent. Ook toen waren de argumenten een evenwichtiger spreiding, beschikbaarheid tijdens crises en vertrouwen onder de Nederlandse bevolking. Trump was toen nog geen president.

In oktober 2016 maakte DNB bekend de goudopslag te verplaatsen naar een nieuw te bouwen Cashcentrum op het defensie­terrein van Soesterberg in Zeist. De oude locatie van het hoofdkantoor in de Amsterdamse binnenstad was niet geschikt voor waardetransport.

Het zwaar beveiligde Cashcentrum op het defensieterrein in Huis ter Heide werd in mei 2023 in gebruik genomen en biedt Nederland een moderne voorziening voor ongeveer 200 ton goud. Het aandeel goud in Nederland nam door die verhuizing niet verder toe. DNB noemt zelf renovatie, veiligheid en bereikbaarheid als belangrijkste redenen voor het Cashcentrum.

Dit speelt al langer

Er loopt dus inderdaad een duidelijke lijn van 2014 naar 2026, maar die kan beter worden omschreven als strategische herpositionering dan als simpele repatriëring. DNB wil drie dingen tegelijk: voldoende goud in eigen land, spreiding over meerdere betrouwbare rechtsgebieden en een aanzienlijk direct verhandelbaar deel in Londen. Dat zijn verschillende vormen van controle. Goud in Zeist geeft fysieke en territoriale controle; goud in Londen geeft operationele controle doordat het snel kan worden ingezet op de internationale markt.

Daar zit tevens de zwakke plek in het populaire verhaal. Londen ligt tenslotte ook buiten Nederland. Nederland verruilt voor een deel de ene buitenlandse bewaarplaats voor een andere. Bovendien blijft 37 procent van de totale voorraad in New York en Ottawa liggen. Van een breuk met Noord-Amerika is geen sprake.

Is opslag in Londen wel handig?

Londen is het centrum van de internationale institutionele goudhandel, maar een significant deel van die handel heeft een administratief karakter. In jargon gaat het om “unallocated gold”, waarbij geen specifieke goudbaren aan de koper worden toegewezen. Fysieke levering is slechts bij een klein aantal transacties aan de orde.

Als het om de handel in fysiek goud gaat, dus echt de goudbaren zelf, moeten we toch een stuk meer naar het oosten kijken. Shanghai heeft zich immers in rap tempo ontwikkeld tot een van de belangrijkste centra voor fysieke goudhandel.

Met Londen gaat DNB voor snelheid en verhandelbaarheid. Daar kan DNB het goud razendsnel verhandelen, terwijl de fysieke levering direct kan worden geregeld. Het enige probleem: Londen ligt sinds Brexit buiten de EU. Dat betekent in ieder geval dat Londen buiten de eigen EU-jurisdictie valt. Wat zijn dan eigenlijk de rechten van EU-landen in het Verenigd Koninkrijk? Zoals Jeroen Blokland zich ook terecht afvraagt. Hoe afhankelijk wordt DNB van de mogelijke politieke ontwikkelingen die zich daar afspelen? Want het Verenigd Koninkrijk heeft zich de afgelopen jaren nu niet bepaald gepresenteerd als een oase van politieke rust.

Als we nog even verder inzoomen: hoe goed zijn de euro- en Britse pondsystemen eigenlijk op elkaar aangesloten in tijden van crisis? Tijdens een systeemcrisis kunnen betalingssystemen uitvallen, kapitaalrestricties en sancties worden opgelegd en kunnen landen ineens heel andere belangen krijgen, waardoor de veronderstelde goudliquiditeit alsnog verdwijnt.


Interessant? Deel het met je vrienden!

JP Burry

Volgt nauwlettend de geldmarkt.. Draait graag dubbeltjes om en bankiert bij Mesa Verde. Zijn visie: vergeet The Big Short, we gaan voor The Big Reset.

0 Comments

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *